Terug naar thema's

Poëzie

Terug naar thema's Thema's

Meer weten


Associatieoefeningen
Associatieoefeningen dienen om bij leerlingen de fantasie te prikkelen en de eerste drempel tot het schrijven van poëzie te overwinnen. Daarnaast kunnen ze als basismateriaal dienen bij verdere dichtactiviteiten. Het principe is dat er naar aanleiding van een gegeven woord in korte tijd zoveel mogelijk woorden of zinnen geschreven (of geroepen) worden.

Soorten associaties

- Klankassociaties

Hierbij moeten zoveel mogelijk woorden worden opgeschreven die voor wat de klank betreft bepaalde overeenkomsten hebben. Hierdoor kunnen begrippen als assonantie (pot, vos, rok enz), rijm (kat, rat, pad enz.) en alliteratie (beter, best, bever enz.) vanzelf aan de orde komen.

- Betekenisassociatie

Ook hier zoveel mogelijk woorden opschrijven die in betekenis overeenkomen. Hierbij kan onderscheid gemaakt worden in kettingassociaties waarin de woorden elkaar logisch opvolgen (schoen, veter, touw, katrol enz.) en kringassociaties waarin de woorden direct verwijzen naar het beginwoord (schoen, veter, zool, leer enz.)

Naast associaties rond woorden kan er ook gewerkt worden met grotere gehelen.

Bijvoorbeeld

- Metaforische combinaties

Hierbij neemt bijvoorbeeld iedere leerling zijn lievelingskleur in gedachten en koppelt daaraan een prettige bezigheid met het koppelwoord 'is'. Bijvoorbeeld: 'rood is in de zon liggen'. Een leuke variant hierop is dat twee leerlingen samen een reeks maken waarbij de ene leerling steeds zijn lievelingskleur combineert met iets prettigs en de andere een kleur waar hij niet van houdt met iets vervelends.

In plaats van kleuren kunnen ook andere begrippen worden gekozen.


Poëzie en vorm
- Haiku en limerick

Een haiku bestaat uit vier versregels van respectievelijk vijf, zeven en vijf lettergrepen, waarin naar aanleiding van een waarneming een afgeronde gedachte tot uitdrukking wordt gebracht.

Een limerick is een vijfregelig gedicht met meestal een geografische eigennaam in de eerste regel, en verrassende eindregel en het rijmschema aa-bb-a.

- Het kijkgedicht

In het kijkgedicht wordt de inhoud van het gedicht versterkt door de vorm. Dit kan door middel van typografie of het gedicht schrijven in de vorm van het voorwerp waarover het gaat.


Relaties tussen de bestaande en de verzonnen personen
Hier gaat het om relaties te leren zien en leggen tussen elementen, met andere woorden leren iets te beschrijven in termen van iets anders.

- De vergelijking

Je bent....

zoals de lauwe nacht

zoals de wollen vacht

van schapen

zoals van wimpers ongedacht

een groet mij weleens tegenlacht (Jan Hanlo)

- De metafoor

Populair gezegd is de metafoor een vergelijking zonder de verbindingswoorden 'net als' (een les is een opera).

- Identificatie

Leerlingen kunnen zich identificeren met allerlei mensen (helden), dieren, groente, voorwerpen, enz.


Poëzie en dat wat je bezighoudt
Poëzie is een manier om dingen die om je heen zijn of gebeuren te beschrijven. Elke dag opnieuw zijn er dingen die je verbazen, ontroeren of boos maken. Laat de leerlingen een krantenbericht meebrengen dat ze aanspreekt en laat ze vervolgens over het onderwerp een gedicht maken.

Dit kan zijn: een actueel nieuwsfeit, zakelijk nieuws, een rouwbericht, huwelijksadvertentie, weerbericht enz.


Poëzie en fantasie
Vaak wordt gedacht dat een dichter, wanneer hij achter zijn schrijftafel gaat zitten, al precies weet wat hij zal opschrijven. Dit is echter meestal niet het geval en dan ontstaat al schrijvende een gedicht. Om de leerlingen met dit proces bekend te maken, zijn diverse activiteiten mogelijk.

- Gedichten geschreven vanuit een beginregel

Bijvoorbeeld:

Als ik....dan...

Soms ben ik bang dat...

Ik droomde dat...

Toen ik een...was...

- Koldergedichten

Leerlingen kunnen een gedicht maken over een raar wezen en daarbij zelf woorden verzinnen.


Schoolbieb
Op www.schoolbieb.nl zijn lessuggesties te vinden en praktische tips. Er zijn links gemaakt naar interessante websites, verwijzingen naar literatuur en lespakketten en nog veel meer